Leveraandoeningen
De lever is een belangrijk orgaan, met veel verschillende functies. De lever speelt onder andere een rol bij het ontgiften van het lichaam. Schadelijke stoffen worden door de lever afgebroken of onschadelijk gemaakt. Daarnaast speelt de lever een belangrijke rol bij de stofwisseling.
Leveraandoeningen kunnen veel verschillende oorzaken hebben. Bijvoorbeeld een erfelijke of aangeboren afwijking, een auto-immuunziekte of een virusinfectie. Daarnaast is er een duidelijk verband tussen voeding, leefstijl en het ontstaan van leveraandoeningen. Sommige leveraandoeningen kunt u daarom voorkomen door onderstaande risicofactoren te vermijden.
Hieronder vindt u de belangrijkste risicofactoren voor het ontstaan van leveraandoeningen zoals leververvetting en hepatitis (leverontsteking).
- Alcoholgebruik; overmatig alcoholgebruik kan de lever (blijvend) beschadigen.
- Drugsgebruik; de schadelijke stoffen in drugs moeten door de lever afgebroken worden. Bij langdurig of overmatig drugsgebruik kan de lever kan (blijvend) beschadigd raken.
- Overgewicht en een hoge consumptie van vet; de lever speelt een belangrijke rol bij de vetstofwisseling. Door (ernstig) overgewicht en erg vet eten, kan vetstapeling in de lever ontstaan. Dit wordt ook wel leververvetting genoemd. Leververvetting is een omkeerbaar proces: zodra de oorzaak weggenomen wordt, zal de lever zich herstellen. Als de oorzaak niet weggenomen wordt, dan kan leverontsteking en vervolgens levercirrose ontstaan.
- Veelvuldig en langdurig werken met gevaarlijke, chemische stoffen; als u deze stoffen inademt, komen ze in uw bloed en uiteindelijk in uw lever terecht. Bespreek met uw werkgever hoe u dit zoveel mogelijk kunt tegengaan.
- Onveilige seks; hepatitis B wordt onder andere via seksueel contact overgedragen. Door veilig te vrijen met een condoom kunt u besmetting tegengaan. Meer informatie vindt u bij de risicofactoren voor hepatitis B.
- Bloedbloedcontact met mensen die besmet zijn met het hepatitis B of C virus; deze vormen van hepatitis worden via besmet bloed overgedragen. Wees dus voorzichtig met (gebruikte) injectienaalden, tatoeagenaalden, het zetten van piercings, scheermesjes en kappersmessen. Met name in niet-westerse landen waar deze mogelijk minder goed ontsmet worden. Meer informatie vindt u bij de risicofactoren voor hepatitis B en C.
- Reizen naar niet-westerse landen; in veel niet-westerse landen is de kans groter dat u besmet raakt met het hepatitis A of B virus. Dit heeft te maken met slechtere hygiënische omstandigheden of een minder goede gezondheidszorg. Meer informatie vindt u bij de risicofactoren voor hepatitis A en B.
Medicijnen als risicofactor?
Verschillende bestanddelen van medicijnen moeten door de lever afgebroken worden. Het langdurig gebruik van sommige medicijnen kan andere leverfuncties verstoren. In verreweg de meeste gevallen is dit niet ernstig, doordat de lever een grote reservecapaciteit heeft. In enkele gevallen kan langdurig gebruik van medicijnen leverproblemen veroorzaken.
Medicijnen gebruikt u echter om een bepaalde reden! Stop daarom nooit op eigen houtje met medicijnen die door een arts zijn voorgeschreven. Uw arts zal altijd een afweging maken tussen de voor- en nadelen van een bepaald medicijn. De bijwerkingen en het effect van medicijnen op de leverfuncties verschilt per medicijn. Als u vragen heeft, dan kunt u die het beste aan uw behandelend arts stellen.
Uitgebreide informatie over verschillende leveraandoeningen vindt u op de website van de Maag Lever Darm Stichting.







